Op 1 juli 2012 treden meerdere wijzigingen van het Vuurwerkbesluit in werking. Aanleiding voor de wijzigingen is de evaluatie van het Vuurwerkbesluit die in 2007/2008 is uitgevoerd. Daarnaast heeft het Centrum voor Externe Veiligheid en Vuurwerk bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) op verzoek van de toenmalige Minister van VROM een aantal adviezen uitgebracht, die eveneens betrokken zijn bij de opstelling van het wijzigingsbesluit.

De belangrijkste wijzigingen zijn:

  1. Verhogen meldingsgrens voor opslag van 1.000 kg naar 10.000 kg.
  2. Verhogen meldingsgrens voor ontbranden van consumentenvuurwerk door professionals van 100 kg naar 200 kg en van theatervuurwerk door professionals van 10 kg naar 20 kg.
  3. Opnemen eisen voor ontbrandingen in een ministeriële regeling.
  4. Verlenen toepassingsvergunningen door de Minister van Infrastructuur en Milieu.
  5. Verhogen van de verkoophoeveelheid van 10 kg naar 25 kg.
  6. Verhogen van de hoeveelheid vuurwerk in de verkoopruimte van 250 kg naar 500 kg.
  7. Toestaan tweede bufferbewaarplaats.
  8. Extra bepalingen om de strafrechtelijke vervolging van de handel van illegaal, gevaarlijk vuurwerk te verbeteren.
Zie Sprinklerinstallaties voor de belangrijkste wijzigingen van de eisen voor de brandbeveiligingsinstallatie.

Hieronder is een aantal wijzigingen voor de eisen voor opslag en verkoop van vuurwerk toegelicht.

Vuurwerk verkoop bij tankstation

Tegelijk met de wijziging van het Vuurwerkbesluit is ook het Besluit algemene regels voor inrichtingen gewijzigd. Het tweede lid van artikel 4.2 van het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer is vervallen en dit betekent dat vuurwerk voortaan ook verkocht mag worden bij een tankstation voor het wegverkeer.

Het enkele feit dat de opslag van vuurwerk wordt gecombineerd met het afleveren van vloeibare brandstof, mengsmering of aardgas ten behoeve van openbare verkoop voor motorvoertuigen voor het wegverkeer leidt niet tot een toename van de risico’s voor de gezondheid en het milieu. In een uitspraak van de Raad van State van 17 januari 2007(LJN: AZ6392, Raad van State , 200600695/1) wordt dit bevestigd. Wel is aan het Vuurwerkbesluit een bepaling toegevoegd om gelijktijdig lossen van brandstoffen en vuurwerk aan eisen te binden (voorschrift 1.13 van bijlage 1).

Begrippen kwetsbaar object en beperkt kwetsbaar object

Bij de begrippen kwetsbaar object en beperkt kwetsbaar object is aangesloten bij de definities in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), de Circulaire ontplofbare stoffen civiel gebruik en het Besluit algemene regels voor inrichtingen (Activiteitenbesluit). In de artikelen van het Vuurwerkbesluit is echter, anders dan in het Bevi, geen onderscheid gemaakt in het beschermingsniveau tussen kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten. De aansluiting bij de begripsbepalingen van beperkt kwetsbaar object en kwetsbaar object, heeft niet geleid tot een inhoudelijke wijziging voor de te beschermen objecten.

Maatwerkvoorschriften

De nadere eisen zijn vervangen door maatwerkvoorschriften. De mogelijkheid tot het stellen van maatwerkvoorschriften is opgenomen voor:

  • de bereikbaarheid en de toegankelijkheid van ruimten waar consumentenvuurwerk aanwezig mag zijn (voorschrift 1.8 van bijlage 1);
  • het aantal brandslanghaspels en de situering van de brandslanghaspels (voorschrift 1.11 van bijlage 1);
  • het tijdelijk geopend zijn van deuren van de (buffer)bewaarplaats (voorschrift 3.4a van bijlage 1);
  • de wijze waarop verpakt of onverpakt vuurwerk wordt opgeslagen (voorschrift 5.6 van bijlage 1);
  • de interne afstanden binnen de inrichting teneinde domino-effecten te voorkomen (voorschrift 6.4 van bijlage 1).

Digitaal melden

Het digitaal melden van een inrichting is verplicht . Hiertoe zal op de website van het Landelijk Meld- en InformatiePunt (LMIP) (www.meldpuntvuurwerk.nl) een meldingsformulier komen.

Verkoopruimte

De definitie van verkoopruimte is ter verduidelijking gewijzigd. De verkoopruimte hoeft geen aparte ruimte te zijn en kan ook een deel zijn van een andere ruimte. Daarnaast is de verkoopruimte de ruimte waar daadwerkelijk het vuurwerk wordt afgegeven. De grens voor de hoeveelheid vuurwerk in de verkoopruimte is verhoogd naar 500 kg. In een bestaande verkoopruimte kan de aanwezige hoeveelheid niet zonder meer worden verhoogd naar 500 kg. Beoordeeld moet worden of het uitgangspuntendocument (voorheen PvE) en mogelijk ook de sprinklerinstallatie moeten worden aangepast. Verder een eis toegevoegd dat in de verkoopruimte geen opslag mag plaatsvinden van licht of zeer licht ontvlambare stoffen en drukhouders.

Bergingsverpakking

De definitie van bergingsverpakking vervalt. In plaats daarvan zijn eisen opgenomen waar een verpakking aan moet voldoen om beschadigd of gevallen vuurwerk te bewaren. Een antistatische verpakking is over het algemeen een plastic zak met een dun metalen filmpje erop of met metalen draadjes erin geweven. Zie ook de Handreiking: Hoe moet worden omgegaan met restanten vuurwerk?

Metselwerk, beton, cellenbeton of vergelijkbare materialen

De (buffer)bewaarplaats moet bestaan uit van metselwerk, beton of cellenbeton. Met de wijziging is de toepassing van vergelijkbare materialen waarbij hetzelfde doel wordt bereikt, toegestaan als het bevoegd gezag heeft beslist dat daarmee ten minste dezelfde brandwerendheid en constructieve stevigheid wordt bereikt. Degene die deze gelijkwaardige materialen wil toepassen, zal de gelijkwaardigheid ervan moeten aantonen.

Kleefmagneten

Het is mogelijk gemaakt om het gebruik van kleefmagneten of ander deurvastzetinrichtingen toe te staan. Met het toepassen van deze voorziening moet terughoudend worden omgegaan. Bij het toestaan van dergelijke voorzieningen moet bij maatwerkvoorschrift worden bepaald op welke wijze de deuren worden aangestuurd en dat de sturing fail-safe moet zijn. De deuren moeten in ieder zijn voorzien van een quick response rookdetector.

Bron: http://www.infomil.nl/onderwerpen/hinder-gezondheid/veiligheid/vuurwerk/hoofdpunten/